donderdag 2 april 2015

San Blas Islands; Palm tree overdose


Ok, na mijn snorkelavontuur durf ik het bijna niet te zeggen, maar eigenlijk was er maar één reden voor reizen door Panama, een vijfdaagse zeiltrip naar Colombia door de San Blas eilanden. Het schijnt een hoogtepunt in iedereen zijn reis te zijn en buiten dat, is naast vliegen varen de meest voorkomende manier om de grens over te steken. Over land is onmogelijk omdat je in een soort niemandsland jungle terecht komt gedomineerd door gevaarlijke mannen en nog gevaarlijke dieren. 
Ondanks dat het een geweldige trip moet zijn hoor ik veel horrorverhalen over kotsen en bijna doodervaringen. Ik overweeg bijna om het niet te doen, maar na het zoveelste horrorverhaal besluit ik dat dit avontuur ook aan mijn bucketlist toegevoegd moet worden, kotsend of niet. Ik heb nog nooit gezeild en lang op een boot zitten lijkt me een uitdaging. Je kan tenslotte nergens heen. Dat pas natuurlijk niet wanneer je bang bent voor verveling ;)

San Blas Islands
Wat tropische info over dit paradijsje. De San Blas is een archipel van 357 eilanden. 40 eilanden worden bewoond door de Kuna Indianen. Het leven is er simpel maar goed georganiseerd. Tegenwoordig is daar de dollar ook uitgevonden, maar nog steeds vindt er ruilhandel plaats en nog niet zo lang geleden was de kokosnoot een betaalmiddel. Geen wonder dat we niks aan mogen raken daar. Er mag ook niet gedoken worden dus alles is nog helemaal in tact.
Varen tussen dit wonderschoon is niet altijd gemakkelijk. Er is veel koraal en sommige stukken zijn erg ondiep. Regelmatig stranden er dan ook zeilboten. Dit horen we via via, maar zien we ook. Indien dat gebeurt is het een kwestie van zwemmen.

Vamos!
Het is weer eens erg vroeg wanneer de taxi komt. Het enige wat niet op de boot aanwezig is, is alcohol. Er wordt dan ook door menigeen nog even het nodige sjouwwerk verricht. Een klein speedbootje brengt ons naar de echte boot en geduldig staren we over de oceaan om onze boot te spotten. Eenmaal gevonden maken we kennis met onze kapitein Umberto en zijn crewmember Amalia (nee, het bleek niet zijn vrouw te zijn). Umberto is 52 en gepassioneerd zeiler. Amalia blijkt later de beste kok in de kleinste keuken. Zodra ik één stap op de boot zet zie ik achter de raampjes kruidenplantjes staan en dat stelt me enorm gerust, als die de oversteek overleven dan kan het nooit echt heel wild worden toch?! Verder is de boot compact, vier slaapkamers met kleine bedjes (die je dus deelt met iemand die je niet kent) en twee wc's. Douchen is er niet bij deze dagen. Daarvoor hebben we de grote oceaan.

De eerste drie dagen zullen we door de San Blas eilanden cruisen. Bij het openen van de ogen 's morgens zien we alleen maar helder water en palmbomen in de verte en het eerste wat we doen is een duik nemen, gewoon omdat t kan. Koffie of thee Maike? En geduldig wachten we op ons ontbijt. Daarna wordt er wederom, jawel, gezwommen en de actievelingen gaan vissen. Er wordt gesnorkeld of gewommen naar de (vaak onbewoonde) eilanden, waar we op onderzoek uitgaan. Wanneer het speelkwartier voorbij is krijgen we lunch en daarna zeilen we naar een ander eiland. Tijdens het zeilen nestelt iedereen zich op het dek om met de neus in de wind te genieten van de zon, het uitzicht en een hoop humor.  Het is een goede oefening om te kijken of ook het paradijs kan vervelen, want het enige wat we zien is hagelwitte eilandjes met palmbomen. De een wat groter dan de ander, bewoond of onbewoond. En als dan ook nog de dolfijnen mee gaan zwemmen... Aangekomen bij another bounty island herhaalt het tafereel zich. Het eten wordt de eerste avond op het eiland gedaan bij de locals, de andere avond op de boot. Het eten is fantastisch en we eten drie keer per dag alsof we bang zijn dat het onze laatste avondmaal is. De verse vis vliegt je om de oren. Vers gevangen kreeft, tonijn, noem het! Meteen probeer ik wat recepten mee te pikken.
's avonds wordt het nog gezelliger met goede gesprekken en urenlang staren naar lichtgevende plankton en de sterren die zover op zee mooier zijn dan ooit. Uiteraard slaap ik als een roosje op dit schommelnde bed. Je hoort het, het leven op de boot is zwaar. We hope it never ends... De enige taak die we hebben is de afwas, maar zelfs dat vindt niemand een probleem.

















Op de derde dag bezoeken we een bewoon eiland. Een lokale bewoner komt met zijn zelfgemaakte kano aangevaren. Hij heeft een maand lang deze boomstam staan uithakken en hij neemt een deel van ons mee. De rest gaat in de dingi.
Hier zien we hoe georganiseerd het dorp eruit ziet, trots laat hij alles zien. Ook gaan we naar een waterval. Helaas waren we hier niet echt op voorbereid. Onze lazy asses zijn niks meer gewend en zonder water, op flip flops bereiken we met de tong op de grond de waterval. 




Gone with the wind
Na drie dagen poedelen is het welletjes geweest. Nu begint het echte werk. We krijgen een spoedcursus zeilen en 'man overboard' instructies en alles wat los zit wordt vastgezet. De komende twee dagen zitten we op open zee en zullen we non stop varen. Dit zijn de dagen waar volgens de verhalen iedereen kotsend aan het overleven is, maar Umberto lijkt er verstand van te hebben. Pink Floyd gaat op luid en iedereen is excited! 
Deze dagen kun je niet veel anders doen dan staren naar de horizon of een boek lezen (als je er tegen kan) We hebben goed weer en Umberto kiest een route die tenminste menselijk is. Slechts een enkeling druipt soms even af naar zijn bed om bij te komen, maar that's it. Al snel klagen we dat we nu onze dagelijkse routine duiken missen. Umberto is de beroerdste niet en midden op die fucking grote oceaan ligt hij de boot stil (nouja, zo goed als stil), gooit een touw uit en snel mogen we plonsen. Het water is kristalhelder, maar doordat we midden op zee zitten zie je eigenljk niet wat er onder je gebeurt. Best eng dus...


Land in zicht
Helaas komt aan al het moois een einde, maar het goede nieuws is dat er land in zicht is. In de avond arriveren we in de haven van Cartagena, mooier met alle lichtjes kan het niet. De meeste van ons slapen ook deze nacht op de boot, omdat we morgen pas ons paspoort gestempeld en wel krijgen.

Ondanks dat Colombia bij de meeste als gevaarlijk bekend staat zijn alle reizigers er lovend over. Ondanks dat ik de boot niet wil verlaten stap ik, zodra ik voet aan wal zet, een nieuw avontuur tegemoet. Viva Colombia!

Dagen:                                         23 januari tot 9 februari (18 dagen)
Plaatsen bezocht:                        Bocas del Toro, Panama city, Santa Catalina, Coiba, San Blas
Favoriete plaats:                           Coiba, San Blas
Aantal busritjes:                            Ca. 5
Leukste busrit:                              Naar Santa Catalina. Klein busje met mega flatscreen waarop twee keer het volledige album van Romeo Santos luidkeels te horen is
Aantal bootritjes:                           Ca. 6
Aantal taxiritjes:                             Ca. 5
Langste reisdag:                           12 uur van Bocas del Toro naar Panama City
Meest gecompliceerde reisdag:     Costa Rica naar Bocas del Toro

Memorabele moment:                   Zwemmen naast een whaleshark
Engste moment:                           Diezelfde whaleshark en over de kop slaan met n surfboard 
Tegenvaller:                                   Americanized karakter van het land
Eten algemeen:                             Beroerd, behalve op de boot
Favoriete maaltijd:                         Ceviche (vis klaargemaakt in limoen)
Favoriete drankje:                          Smoothie in Santa Catalina (incl refill)
Grootste verrassing:                      Onderwaterwereld
De mensen:                                  Ok
Ik zal Panama onthouden als:       Onverwachtse verrassingen
Dingen die ik van thuis mis:          Vrienden 
Uitspraak:                                     graaaaciiiiaaaas, no nintendo, snor
Top tips:                                        Star beach (Bocas), Cabinas Shelley (Santa Catalina), Coiba, Bluesailing.com (Fregata)                        

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Laat een bericht achter